Roermond, Maria van St. Josef (Jacobine van Rhoon) |
||
| Gediskwalificeerd: | ja | |
|---|---|---|
| Cultusobject: | Maria van St. Josef (Jacobine van Rhoon) |
Open Street Maps
|
| Datum: | n.v.t. | |
| Periode: | 17e - 20e eeuw | |
| Religieuze context: | christelijk | |
| Locatie: | Voormalig Karmelietessenklooster | |
| Adres: | Venloseweg 78, 6041 BZ Roermond | |
| Gemeente: | Roermond | |
| Provincie: | Limburg | |
| Bisdom: | Roermond | |
| Samenvatting: |
Maria van Sint Josef was een karmelietes, die in 1676 'in een geur van heiligheid' is overleden. De resten van haar worden sinds mei 1992 bewaard in het museum Krona in Uden, nadat ze sinds 1878 in Roermond waren bewaard (eerst in het ursulinenklooster en later in het karmelietessenklooster) en vervolgens korte tijd in Echt (in het karmelietessenklooster). In Den Bosch was ze in 1629 ingetreden. Er was in Roermond geen sprake van een bedevaart. |
|
| Auteur: | Geert Vink | |
| Illustraties: | ||
| Topografie |
- Het Karmelietessenklooster in Roermond is gebouwd in 1882 naar een ontwerp van Johannes Kayser. Het gebouw heeft een traditionalistische stijl met neogotische elementen. Volgens de ideeën van de karmel heeft het klooster een gesloten karakter. Het is gebouwd in carrévorm. Kort na 1997 verlieten de karmelietessen het gebouw. Het voormalige klooster heeft de status van Rijksmonument en is nu in gebruik als appartementencomplex. |
|
| Cultusobject |
- De eigenlijke naam van Maria van Sint Josef is Jacobine van Rhoon. Zij werd in 1598 geboren op kasteel Rhoon bij Rotterdam in een vooraanstaand katholiek gezin. In de karmel van 's-Hertogenbosch begon zij in 1629 haar leven als religieuze. Vanwege de politieke situatie (prins Fredrik Hendrik had in september 1629 de stad ingenomen) verhuisde een deel van de Bossche communiteit in 1630 naar Keulen. Daar kreeg Jacobine haar kloosternaam en legde zij de eeuwige beloften af. Later verbleef ze nog in andere stichtingen van de karmel in Düsseldorf en Münstereifel. Ze werkte als novicemeesteres en koster. Zij toonde zich immer bijzonder vroom. Volgens de spiritualiteit van de karmel ervoer zichzelf als zijnde in Gods onmiddellijke nabijheid (Gods inwoning in ons). Na haar overlijden in 1676 werd haar lichaam met ongebluste kalk bestrooid en begraven in de grafkelder onder het zusterkoor. Daarna zou er een wonder aan haar lichaam zijn gebeurd. |
|
| Verering |
- Ook al was er ooit sprake van een wonder en werden de relieken bijzonder versierd en telkens op nieuwe plaatsen ondergebracht, is er vooralsnog nergens bewijs gevonden voor een bijzondere verering, laat staan een die op een bedevaartgebonden cultus had kunnen duiden. |
|
| Bronnen en literatuur |
Literatuur: 'Ruimtelijk', Stichting Ruimte 13, 1 (2008); monumenten, architectuur en stedenbouw in Roermond en omstreken: het versierde geraamte; 'Jacobine van Rhoon karmelites in ballingschap', in: Bisdomblad, 28 augustus 1992, p. 8-9; 'Kunst in een lijkwagen', in: Brabants Dagblad, 26 mei 1992. |
|
| Laatste mutatie | 13-10-2025 | |
|
naar het KDC, voor aanvullingen en
commentaar. |
||

